Ontiman

"Je gaat ze stuk voor stuk schoonmaken en ervoor zorgen dat ze opgegeten worden", op een norse toon sprak zijn vader hem aan. " Ja maar..pa", probeerde hij in te brengen. "Niets "ja-maar-pa", ik heb je altijd gezegd dat als je iets schiet dat je het moet eten." Hij schaamde zich diep en voelde zich misselijk worden . Hij wierp een vluchtige blik op de hoop levenloze lichaampjes. Hij vroeg zich af hoe hij zich zo had kunnen laten gaan. Nimmer had hij gedacht dat hij in staat zou zijn om op deze manier te handelen.

Zijn zakken zaten vol met patronen. Hij voelde zich echt een "ontiman", compleet met "sevenshooter" Caliber 20. Het paadje kronkelde minstens 5 kilometers de plantage in. Aan weerszijden dampte hoopjes afgebrandde struikjes. De geur van zijn zweet mengde zich met de brandlucht. Koren, gebrande koren, dat was het ja.. het was een aangename geur Een geritsel in het struikgewas deed hem even opschrikken. Hij nam het geweer van zijn schouder en hield het voor zich uit. Muisstil stond hij voor een minuut te turen in het struikgewas. Alles bleef stil. Langzaam zette hij zich weer in beweging. De schelpen kraakten onder zijn schoenen.

In de verte zag hij het meloenenveld. Hij zette het geweer naast zich en zocht een lekkere gespannen meloen uit. Met een beweging brak hij die over zijn knie. Het zoete vocht droop langs zijn vingers terwijl hij zich tegoed deed. "Hopelijk kom ik toch wat wild tegen", dacht hij. "Dan hoef ik niet met lege handen naar het kamp terug te keren. W'ans wan kes kesie of misschien een hert. Of anders een papegaai." Hij had veel daarvan zien opvliegen in het bos in de verte.

Een wild gekrijs deed hem opschrikken. Hij pakte automatisch het geweer en stond snel op. Hij keek om zich heen en zag een hele troep monki monkies op nog geen twintig meter verwijderd. Ze maakten een hels kabaal terwijl ze spelend over de takken van de overhangende bomen sprongen. Sommigen aten van de swietbonkies. Anderen dolden en kwamen op de grond terecht.

Hij voelde zijn hoofd licht worden. Zijn hart begon te bonken. Heel beheerst legde hij aan. Een luide knal. Een hels kabaal brak los. Het gekrijs werd bijna hysterisch. Twee van de monkie-monkies vielen dood neer. "Krakkak", een rokende huls sprong uit de sevenshooter en weer klonk een luide knal. Dan weer een. En nogmaals. Hij wilde niet meer, maar hij kon zijn vinger niet van de trekker halen. In een waas zag hij de de lichaampjes verspreid over de grond. Toen had hij geen patronen meer.


"Shit , sa mie doe?" Hij zakte door zijn knieen en zat met het geweer gekruist over zijn benen. Hij werd kotsmisselijk. De kruitdamp drong zijn neusgaten binnen. Hij bedekte met beide handen zijn ogen. "Pa o kier mie mars", bedacht hij. In de verte hoorde hij het geronk van de "konkoni" een kleine kubota tractor. Hij probeerde zich zo klein mogelijk te maken. Dit was niet nodig geweest. Hij prevelde met een trillende bovenlip overstaanbare excuses, keek op naar de hemel en smeekte om vergiffenis.

De moksie alesie rook heerlijk. Angrie bing kier ing. Maar wat was dat? Een handje als dat van een baby, maar dan gevuld met rijstkorrels op zijn bord. Hij hield zijn hand voor de mond, rende het bos in en kokhalsde...

Fromu