Marie

Onvast slenterde hij voorbij het Waaggebouw. Zijn blik was strak gericht op de eerste bank onder de eerste amandelboom bij de waterkant. Hij steunde even tegen de muur van het gebouw en spuugde een mond vol met speeksel en alcohol. De bruine zak met de kwart palm erin hield hij stevig geklemd onder zijn arm. Hij mompelde een paar scheldwoorden en zette zich met een plof op de bank.

Zijn blik gleed over de Suriname rivier. Het vuile bruine water klotste tegen de smerige oever en de rauwe stank drong zich op aan hem. Toch haalde hij diep adem. Een grote vogel..geen Sabakoe..streek neer op de Goslar. Hij zuchtte diep. En dan nog eens. Hij wreef over zijn vuurrode ogen. Een dikke traan verscheen in zijn ooghoek.

Hij zette de fles naast zich en nam zijn hoofd in zijn handen. "Marie...Mariehiehie", snikte hij luid. Met zijn duim tegen zijn neusgat snoot hij luidruchtig. Hij keek even op, zag dat niemand naar hem keek, en veegde zijn hand vlug aan zijn verlepte khaki broek. Hij nam een flinke teug en begon zachtjes te zingen: "Blaka rosoe no je gwe, tjarie me go na in joe atie", zachtjes neuriede hij het melodietje verder. Terwijl de tranen langzaam over zijn wangen rolden dacht hij terug. In zijn gedachten dansten ze weer eens hun lievelingsnummer. Hij kon bijna haar adem weer voelen, haar lichaamsgeur weer in zich opnemen. Hij huiverde even.

"Joesoe! A man dies ie droengoe baka", een barse donkere stem deed hem opschrikken. Hij keek schichtig op en keek regelrecht in een brede grijns van Walther. "Ben je weer bezopen jongen", zei Walther weer terwijl hij hem op zijn schouders klopte. "Bezopen..wie IK?", hij probeerde zo onnozel als mogelijk te kijken. "Nee mang...Ik ben niet dronken "mie nak wan ptjien sanie wel, maar dronken ..echt niet".

Ze waren als boezemvrienden en hadden samen kattekwaad uitgehaald op school. Het waren goede tijden. Hij keek Walther aan en zag het allemaal weer voor zich. Hij zag weer de bewonderende blik van Walther toen hij haar aan hem voorstelde. "Deze is het Wallie...Met deze ga ik trouwen en een gezin stichten" , hij had oprecht zijn bedoelingen aan zijn vriend duidelijk gemaakt. "We zullen zien", had die lakoniek gereageerd.

"Ie sab sa Marie doe tide jongoe? Gewoon a sma no bori. Dus na "cookshop" mie bing moes bai . Ik weet niet wat er met haar is." Walther keek even bezorgd. "Kande a sma no ab zin..dat is toch geen probleem", zei hij terwijl hij wegkeek van Walther.

"Wie hou ik voor de gek", dacht hij. Walther moet het nu toch wel weten. Die schijnt zich gewoon van de domme te houden. Hij greep naar de fles, sloeg zijn nek naar achteren en voorzichtig liet hij het sterk goedje langs zijn keel glijden. Hij proestte het uit. Een vreselijke hoestbui zette in. Hij hield de bank met beide handen vast en schudde over het hele lichaam terwijl hij keer op keer hoestte. In pijn en toch dankbaar voor de gelegenheid liet hij zijn tranen weer de vrije loop.


"Dat klinkt niet goed ouwe jongen. Je moet maar eens naar de dokter", Walther keek hem met medeleven aan en klopte hem zachtjes op de rug. Alsof dat de pijn zou wegnemen. "Maar mie matie..Ik ga nu maar verder. Misschien is Marie al weer thuis", zei Walther terwijl zijn gezicht even opklaarde. "Ja is goed, ga naar huis...Ga naar je Marie...Ga naar mijn Marie", hij fluisterde het laatste zo zacht dat Walther het net niet hoorde.

Waggelend liep hij naar de grote amandelboom zijn rug naar de rivier. Wijdbeens stond hij tegen de boom te urineren. Zijn vingers gingen langzaam over de bast van de boom.
"Hier is het ja...hier had ik haar voor het eerst gehad...jaren geleden", met een trillende wijsvinger ging hij over een gekerfd hart in de bast van de boom. "J loves M" stond er onder. Hij nam vlug nog een teug en grijnsde. Morgen zou Walther weer niet thuis zijn...

Fromu